7 juli – Kontich feest!

Geplaatst door

Beste Kontichnaars,

Het is weer zo ver: kermis, koersen, feest. Op de kop af 222 jaar worden in Kontich paardenkoersen georganiseerd, met de daarbij horende feestelijkheden. Elk jaar rond deze tijd kunnen wij de dagelijkse zorgen van het werk en de waan van de dag van de actualiteit even opzij zetten. Om het even met de woorden van onze gast van vanavond te zeggen:

“Einstein was een slimme – hij relativeerde als geen één.”

In zijn ideale vorm is feesten een vorm van relativeren. Bij het supporteren voor een zelfde ploeg vallen even alle verschillen weg en worden we in zekere zin één met elkaar. Bij het gezellig degusteren van één van de honderden ambachtelijke bieren die ons landje rijk is, worden de verschillen in smaak wellicht driftig besproken, maar ruzie maken we daar niet om. ‘De gustibus et coloribus non est disputandum!’ zou mijn dochter zeggen …

Zo dwalen we even weg van een wereld vol ruzie en afgunst, een wereld met presidenten die vinden dat ze criminelen mogen laten vermoorden, een wereld met mensen die zo diep in de wanhoop of in de eenzaamheid verzeild zijn geraakt dat ze ervan overtuigd kunnen worden dat ze door zichzelf op te blazen en tientallen slachtoffers te maken, er een betere wereld zou kunnen ontstaan. Een wereld waarin ons wordt wijsgemaakt dat we werken voor het geld en waarin dat geld nog steeds een hogere maatstaf is dan pakweg geluk, klimaat of gezondheid.

Wat bedoelt Koen Dewulf trouwens wanneer hij zegt:

Ik ben niet eenzaam,

maar enkel vaak alleen;

ik ben niet de weg kwijt,

maar gewoon het noorden.

Met een redenering pars pro toto zou je dit gerust van ons allemaal kunnen stellen. Eenzaam zijn is onmogelijk geworden met alle communicatiemedia om ons heen – alléén zijn we daarentegen vaak … De weg kwijt zijn is onmogelijk geworden in een wereld met gps en smartphone – het noorden kwijt zijn daarentegen is een dagelijks fenomeen.

Wat vroeger van kindsbeen aan met mensen als kompas werd meegegeven, namelijk een rotsvast geloof in God en de Kerk, een aan de angst grenzend respect voor mensen met functies of diploma’s (of beide) en tegelijk een diep gewortelde berusting in het eigen fatum, dat alles is op enkele decennia tijd zo goed als helemaal verdwenen. Oudere generaties hebben dat zien gebeuren – jongere generaties weten nauwelijks waar ik het over heb. Zij groeien op met de vanzelfsprekendheid dat er geen kompas is en dat je jezelf, in gesprek en overleg met de anderen, richting moet geven.

Tegelijk voelen zij heel sterk aan dat zij leven en werken in een land en een cultuur die reeds een verleden hebben, die een ‘nu’ hebben waarin elke seconde weer ongelooflijk veel gebeurt en die een richting uitgaan voor de toekomst, die weliswaar kan bijgestuurd worden, maar die niet radicaal kan worden omgedraaid. Veel meer nog dan vroeger moeten beleidsmakers zintuigen ontwikkelen om te kunnen waarnemen welke richting ons land en onze cultuur uitgaan, om die beweging vervolgens zo goed mogelijk te begeleiden en te omkaderen. Een feest zoals dat van 11 juli is een geschikt ogenblik om daar even bij stil te staan, en in alle bescheidenheid vast te stellen dat goed besturen, waarbij elke burger aan bod komt maar ten slotte voor een zo groot mogelijk algemeen belang wordt gekozen, al een aartsmoeilijke zaak is. Aangeven welke richting het uit moet, is slechts weinigen gegeven. Meestal zijn dat trouwens kunstenaars. Zij hebben daartoe zintuigen ontwikkeld en zij nemen waar dat de dagen korter worden:

Dagen worden korter

Nachten duren uren

Ik zie bloemen

verwelken in de zon

Ik ben gelukkig

maar ik weet niet waarom

Prachtige verzen zijn dat, want ze drukken de paradox van onze tijd uit: we worden dagelijks met onze neus op de feiten gedrukt: bloemen verwelken in de zon. En toch maakt het ons niet ongelukkig; we feesten voort. We zijn gelukkig, weten niet waarom en voelen er ons misschien zelfs schuldig bij.

We raken hier het mysterie van de onmacht aan. Misschien is ‘onmacht’ wel het vaakst en meest voorkomende gevoel van onze tijd. Niemand ontsnapt eraan. Zelfs wie macht heeft, wie een positie of functie met macht bekleedt, ondervindt in deze wereld en in deze tijd dagelijks méér onmacht dan macht bij zichzelf.

Onmacht voelen vereist een bepaald bewustzijn. Wie geen bewustzijn heeft voor het grotere geheel – de wereld die ook ronddraait zonder onze hulp bij wijze van spreken – heeft geen reden om zich onmachtig te voelen. Dat bewustzijn, namelijk dat wij er niet zijn om te sturen of richting aan te geven, maar enkel om te begeleiden en te kaderen, dat wil zeggen om mogelijkheden te creëren voor de kansen van andere mensen, dat bewustzijn vind je bij steeds meer mensen.

Hoewel vaak het tegendeel wordt beweerd, denk ik dat onze tijd een tijd is van een steeds groeiend bewustzijn. Dat hebben we niet alleen nodig om de steeds toenemende vloed van informatie, e-mails, tweets enz. te kunnen verwerken, maar ook om de steeds toenemende complexiteit van onze wereld te kunnen vatten en onszelf daarin nog een plek te kunnen geven.

Een feest is dan misschien wel een geschikt moment om het daar even over te hebben, om het dan weer te vergeten, en al die complexiteit weer even tot de essentie te herleiden. Daarom zou ik aan Koen Dewulf willen vragen:

vertel mij over de liefde – vertel mij over jou en mij …

Ik dank u voor uw aandacht.

Veerle

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *